![]() |
|
| Voorbrood | |
| Nodig: | Beschrijving |
|
voordeeg 7 gr gistpoeder 290 ml koud water het deeg 4 gr fijne kristalsuiker 4 gr zout 55 gr boter, gesmolten en afgekoeld |
Dit ronde brood heeft een knapperige witte korst die je hoort kraken als het brood afkoelt. Dankzij het voordeeg is het brood extra smakelijk en de stoom helpt om de textuur perfect te maken. Het is meer werk, maar het is oh zo lekker!
Begin met het voordeeg. Doe het meel, de gist en het koude water in een kom. Het papje hoeft niet superglad te zijn, een paar klontertjes mogen best. Zorg wel dat de kom groot genoeg is zodat het papje kan toenemen in volume. De volgende dag Duw het deeg uit tot een grove cirkel. Neem de buitenste rand en vouw die naar het midden, en werk zo rondom tot je weer bij het begin bent. Blijf vouwen tot je niet verder kunt. Draai het deeg om zodat de naad onder op ligt. Vouw je handen rond de deegbal en beweeg ze naar beneden en onder het deeg; druk daarbij goed aan. Herhaal dit tot het deeg aanvoelt als een gespannen veer. Duw het dan tot een ronde vorm, nog altijd met de naad onderaan. Het is belangrijk dat het deeg goed opgespannen wordt zodat het naar boven zal rijzen en niet naar de zijkanten. Leg de deegbal op een met bakpapier beklede bakplaat. Leg er een schone keukenhanddoek op en laat het nog 30 minuten rijzen op een tochtvrije plaats, tot het bijna verdubbeld is in omvang. Zet een stevige metalen braadslee onder in de oven. Verwarm de oven voor tot 200 graden Vul een kop met water en hou die apart. Als het brood bijna verdubbeld is, strooi er dan wat meel over. Zet de bakplaat met het brood midden in de oven en bak het op 200 graden goud-bruin |